Homepage 'de Luikerwaal'

De Kunst om een Geest op te wekken
deel 2
  Een geheel andere manier om een geestverschijning te bewerkstelligen met behulp van een toverlantaarn wordt beschreven in het boek 'Nieuw Natuurlijk Toverboek op Alle de Kunstukken van den Ridder Pinetti de Mercy', door J.W.A. Kosman, verschenen in 1799.

Ik (Pinetti) ging eens met eenige persoonen wandelen. Het was reeds schemeravond, en wy gingen, buiten de stad, op eene zeer afgelegene plaats, een groot, oud, zomber gebouw voorby. Dit was eene zeer geschikte plaats om de geesten te bezweeren, zeide ik. Ik zal ze eens oproepen, wanneer gy 'er niets tegen hebt. Hierop sloeg ik met myn wandelstok op den grond, en 'er steeg eene groote vlam uit. Een wit spook rees uit de aarde op, en verdween wederom, toen ik ten tweedemaale sloeg. Deeze onverwagte verschyning werkte zo zeer op myn gezelschap, dat de een ginds, de andere derwaards vluchtte. Niemand kon het begrypen; men zag, dat 'er geene voorbereiding geschied was, en alles, het geen gebeurde, ging de denkbeelden van allen te boven. Ook zou het vraagstuk menig een Natuurkundigen de handen vol geven: hoe kan men eene konstige geestverschyning zo te werk stellen, dat dezelve op elke plaats, onder het wandelen, zonder merkbaaren toestel geschieden kan? en wel zo, dat, wanneer ik met een wandelstok op de aarde sla, 'er eene vuurvlam opryst, en het spook te gelyk om hoog stygt? Zie daar de vraag, laat ik 'er het antwoord byvoegen.

Ik liet my eene kleine toverlantaarn maaken, en wel zo, dat ik dezelve gevoeglyk in den rokzak steeken kon. Ik hield een kleed voor dit experiment, en liet den zak, waar in ik de toverlantaarn stak, met blik voeren, zo ook den overslag van den zak. Voor aan het kleed liet ik in het ondervoer een gat snyden, voor het objectivglas der machine; ik liet echter de voering zo inrichten, dat ik, naar welgevallen, het gat open en toe maaken kon. Vervolgens liet ik eene spookgedaante op het glas tekenen, en beschilderde de peripherie van het glas met dikke olieverf.

Dit glaasje liet ik in een fyn raamtje van blik zetten, en in de machine soudeeren, zo dat het onbeweeglyk was. Toen onderzocht ik het focus der machine, om te weeten, in welken afstand van den muur de teekening zich levensgrootte voordeed. Zo ras ik nu het noodig focus wist, liet ik 'er ook de pyp in soudeeren, op dat zich het focus in myn zak niet verschuiven kon. Dit alles in de machine gereed zynde, liet ik ook de lamp vastmaaken, waar in ik wasch goot. Boven het pit, 't welk van gesponnen wol en eveneens in een weinig wasch gedoopt was, maakte ik een klein blikken pypje vast, 't welk ik ter zyde met een weinig gestooten zwavel vulde en phosphorizeerde, gelyk men de glazen, tot het vuurmaaken, toebereidt. Dit pypje kon ik met myne hand gevoeglyk in den zak heen en weder bewegen, door welke beweging van de gephosphorizeerde zwavel het pit wierd aangestooken. Van achteren liet ik in de lantaarn een klein blaasbalgje soudeeren, waar van het pypje tot op het pit der lamp ging, om in een oogenblik het licht wederom te kunnen laaten uitgaan. Dit alles moet echter zeer net en klein, en met groote naauwkeurigheid ingericht worden. Het objectivglas van myne machine heeft in de peripherie slegts de grootte van een goede grosch (een vierde van onze schelling,) en stelde echter, op een afstand van zes treden, het beeld in de grootte van vyf voeten voor.

Zo ras ik nu met de uitvinding deezer machine gereed was, en ik myne toverlantaarn aansteeken en uitblazen kon, naar myn goedvinden, vervaardigde ik ook myn toverstok. Dit geschiedde op de volgende wyze.

Ik liet een hollen stok, in den smaak van een natuurlyken wandelstok, maaken. Aan het einde richtte ik denzelven zodanig in, gelyk de fakkels der furien op het theater zyn afgebeeld. Van binnen was zy met blik gevoerd; van achteren was eene opening, welke ik met zaad van Wolfsklaauw (semen Lycopodii) vulde; van vooren was een stukje zwam vastgemaakt, 't welk in wyngeest ingedoopt was; door het midden van de zwam ging een gephosphorizeerd pit, dat beneden zeer vast door een pypje getrokken kon worden. Dit pit was aan een draad vastgemaakt, welke boven by den knop, als een stokband, afhing.

Werking. Wanneer dit alles in behoorlyke gereedheid is, en men de verschyning maaken wil, dan zoekt men zich eene plaats uit, liefst in de schaduw van een duisteren muur, hoe donkerder hoe beter. Men steekt dan ongemerkt zyne hand in den zak, wryft het gephosphorizeerd pypje in de lantaarn, en de lamp wordt aangestooken. Daarop trekt men sterk aan den draad van den stok, en de gephosphorizeerde draad steekt het in wyngeest gedoopte zwam aan. Zo ras ik nu met den stok op de aarde sla, geeft het semen Lycopodii in den wyngeest eene vlam, en de aanschouwers gelooven, dat het vuur uit de aarde opryst. Te gelyker tyd hef ik den lap aan het ondervoer van het kleed op, wendende met den zak de verborgen lantaarnpyp naar den muur, en doe, als of ik de hand in de heup wilde houden, en straks verschynt het spook; ik keere my om, en terstond verdwynt het; ik zet den stok vast op de aarde neder, en de vlam van den wyngeest gaat uit, door gebrek aan lucht; dan schuive ik myne hand in den zak, en blaaze met myn kleinen blaasbalg de lamp in de lantaarn uit.

Dit experiment is inderdaad zeer aartig. Een liefhebber, die zich de moeite geeft, zal deeze zelfde machine tot meer zoortgelyke proeven kunnen gebruiken, en zo wel zich zelven, als anderen, menig vermaakelyk uur kunnen bezorgen. Laat ik, ten voorbeelde, de volgende verschyning, welke een heerlyk onderhoud voor een avond levert, opgeven.

Wanneer men op een helderen avond gaat wandelen, kan men de voorschreeven lamp by zich steeken; men laate echter, in plaats van het spook, een grooten leeuw op het glas tekenen. Zo ras men nu op een donkeren weg, waar witte huizen of muuren tegen ons over staan, gekomen is, plaatze men, op de gezegde wyze, de hand in de zyde, en de leeuw zal aan den muur verschynen, en dewyl men op zyn gewoonen tred voortgaat, is het natuurlyk, dat de leeuw ook volgt. Weldra zal men het verschynzel merken en verwonderd blyven staan. Men laat de lappen in het ondervoer vallen, men ziet met bevreemding om, en de leeuw verdwynt. Men vervolgt zyn weg, en de leeuw verschynt wederom.


Alle de Kunststukken door den vermaarden Ridder Pinetti de Merci vertoond te Berlyn, uitgelegd door J.W. Kosman, Professor in de Mathematische Weetenschappen, enz. Uit het Hoogduitsch vertaald. Te Breda, by W. van Bergen, 1800. In gr. 8 vo. 165 bl.


Dit Werkje van den Heer kosman bevat de verklaaring van zeventig zogenoemde Magische Konststukken, door den handigen pinetti te Berlyn en elders vertoond. 'Er komen verscheidene bekende gochelstukjes in voor, by witgeest en by anderen te vinden. Doch men vindt 'er ook zeer zonderlinge stukken in, voor welker beschryving en ontknooping wy den Schryver dank verschuldigd zyn; vooral, daar hy, in zyne uitleggingen, in zo verre zulks mogelyk is, in eene korte beschryving, zonder plaaten en uitvoerige werktuigkundige onderrichtingen, steeds de grootste duidelykheid betracht heeft, en dus een ieder, die de noodige handigheid en de vereischte werktuigen bezit, in staat is, alles op dezelfde wyze uit te voeren, zo als het door pinetti is vertoond.


 

Zo zou het plaatje dat Pinetti gebruikte er uit hebben kunnen zien.



Het mag dan zo zijn dat de schrijver 'in zyne uitleggingen, in zo verre zulks mogelyk is, in eene korte beschryving, zonder plaaten en uitvoerige werktuigkundige onderrichtingen, steeds de grootste duidelykheid betracht heeft', het was voor ons leuker geweest wanneer hij zijn verhaal had voorzien van interessante afbeeldingen, in het bijzonder van het door hem gebruikte toverlantaarntje.



Pinetti tijdens een optreden.

Het boek...... De persoon......
Amsterdam, G. Roos, 1817 (tweede druk). Vermolmde kaft, ongesneden. (12), 155 pagina's.

De auteur, J.W.A Kosman, professor in de wiskunde op een Militaire Academie, baseerde zijn verklaringen van de trucs op Pinetti's eigen boek 'Amusemens Physiques', uitgegeven in Parijs in 1784 en 1789, met inbegrip  van een aantal verklaringen die gebaseerd waren op de uitleg van Decremps in 'Magie Blanche devoilée', dat eveneens in 1789 werd uitgegeven in Parijs. Alle trucs zijn precies beschreven en uitgelegd zoals zij werden uitgevoerd, waarbij soms de hulp werd uitgeroepen van iemand uit het publiek. Kosman's boek werd voor het eerst uitgegeven in Berlijn in 1799. De auteur beweerd dat hij het boek nog niet had willen publiceren voordat Pinetti zijn shows in Berlijn had beëindigd, maar het had toch al de woede van Pinetti gewekt, die de auteur voor het gerecht sleepte en hem beschuldigde van belediging.

De hier besproken Nederlandse editie schijnt bijzonder zeldzaam te zijn en is niet opgenomen in één van de Nederlandse openbare bibliotheken.
 
Giovanni Giuseppe Pinetti, die ook wel Ridder Joseph Pinetti Willedall de Merci (1750-1800) werd genoemd, werd geboren in Italië en overleed in Rusland. Hij stond bekend als de Professor van de Natuurkundige Toverkunst en was een gecompliceerde, flamboyante persoonlijkheid. Hij gaf zijn voorstellingen aan het eind van de 18e eeuw en was de meest gevierde magiër van zijn tijd.

Terwijl zijn collega's hun uitrusting meedroegen in zakken en tassen op hun lichaam en liepen te sjouwen met hun tafels, bracht Pinetti zijn experimenten in het theater. Terwijl zijn voorgangers attributen gebruikten van blik en koper, waren die van Pinetti gemaakt van goud en zilver. Hij beweerde altijd dat zijn trucs gebaseerd waren op natuurkundige principes en presenteerde ze als wetenschappelijke experimenten. Hoewel hij een kort, dik mannetje was, gedroeg hij zich als een koning. Tijdens zijn voorstellingen wisselde hij wel drie of vier keer van zijn, met veel gouddraad opgesmukte, kleding.
Een drietal lantaarnplaten met geestverschijningen. De eerste is een bizarre plaat van 8,2 x 8,2 cm, met de afbeelding van een duivelse figuur. De plaat is getiteld: 'Sam Bowen's Dream'.
De tweede plaat laat een biddende dame zien die de schrik van haar leven krijgt. Het is een enkelvoudige schuifplaat.
 
Op de derde plaat een afbeelding van een skelet dat met een bloederig zwaard zwaait en in de andere hand een kelk draagt met daarin een slang. De plaat is gevat in een mahonie frame met daarop het stempel van de maker 'T.H. McAllister Optician N.Y'. De plaat werd waarschijnlijk door de Vrijmetselarij gebruikt.
 
Men zal zich op deeze wyze een tamelyk volledig begrip leeren vormen, hoe men, door verstandig nut te trekken van de natuur, ligtgeloovigheid en kunst, zich dra tot den rang der tovenaars verheffen kan.

 
  English version......  Wat is er nieuw op de site?  ©1997-2017 'de Luikerwaal'
Alle rechten voorbehouden.
Bijgewerkt tot 10-01-2017.
  Naar bovenrand pagina......