Homepage 'de Luikerwaal'
Het Leger des Heils en de toverlantaarn


Deze tekst maakt deel uit van het artikel 'De toverlantaarn in Nederland' van Daan Buddingh, verschenen in Het Photohistorisch Tijdschrift nummer 2, 2007.

“Meneer, meneer" riep een vrouwtje den volgende dag, terwijl zij adjudant Vlas, die haast moest maken om op tijd aan de trein te komen, bijna omver liep: “Wat was dat gisteravond mooi. Wat een prachtige platen!” En dat moedertje was niet de eenige die er zo over dacht. Allen die men over de samenkomst hoorde waren er vol lof over. De beelden waren prachtig en groot. Een middellijn van 7 meter maakte zelfs in het Verkooplokaal een grootschen indruk.
Het enthousiaste Rotterdamse publiek gaf dan ook zo nu en dan op levendige wijze zijn goedkeuring over de platen en de verklaring die ervan gegeven werd te kennen.

De verschillende portretten van onze leiders, benevens die der koninginnen werden levendig toegejuicht. Ook de verschillende gezichten uit vreemde landen en een paar kleine verhalen met zang vielen zeer in den smaak. Doch de geschiedenis van Silvo of de verwoesting van Terradelphia spande de kroon. De prachtige beelden werden bewonderd en naar de geschiedenis, afgewisseld met zang, werd aandachtig geluisterd.

 
Het Leger des Heils in Nederland maakte een groot en gevarieerd gebruik van de toverlantaarn. Men zette lantaarns in tijdens vele tientallen  demonstraties en bijeenkomsten. Met behulp van lichtbeelden vroeg het Leger aandacht voor onderdelen van het eigen maatschappelijk werk, e.e.a. geïllustreerd met spannende en komische lantaarnplatenseries, met portretten van bekende Nederlanders en met series foto’s uit andere landen. Veel van de verhalen zijn bedoeld als waarschuwing tegen alcoholmisbruik, gokken, zedeloosheid en geldverspilling.

Tussen 1896 en 1900 komt de Engelse Heilssoldaat Matthews jaarlijks naar Nederland. Matthews was internationaal bekend omdat hij met David Livingstone ontdekkingsreizen in Afrika gemaakt had. Hij maakt jaarlijks een lange tournee door heel Nederland met zijn lantaarn met gasverlichting, een indrukwekkend apparaat met 3 lenzen boven elkaar. In het blad “De Oorlogskreet” van februari 1896  staat de volgende aankondiging:
 
De heer Matthews met zijn wondervolle lantaren, zal eene rondreis maken in ons land, te beginnen in Rotterdam en Den Haag. Hij zal met zijne groote Kalklichtlantaren voorstellingen geven uit de verschillende afdelingen van ons werk, als de Landkolonie, Stadskolonies, Reddingshuizen, Achterbuurten, Tehuizen van Dronkaards en gewezen Dronkaards. Daarnaast vertoont de heer Matthews Gezichten uit andere landen en reusachtige lichtbeelden (met kalklicht), grooter dan ooit enige in Nederland werden gezien. Hij zal eene keuze van 150 tot 200 platen bij zich hebben en Lichtbeelden vertoonen van 5 bij 10 vierkante meter oppervlakte. Zijne lantaarn is een van de grootste van de wereld en zijn prachtige lichtbeelden wekken de verbazing van arm en rijk op. De heer Matthews is een belangrijk personage. Hij is 60 jaar oud en lid van het Koninklijk Aardrijkskundig Genootschap in Engeland. Hij is dus een man van wetenschappelijke kennis. Hij was ook in de beroemde loopgraven van Sedan en in de Krim-oorlog, waar hij ook een schot kreeg en herhaaldelijk ternauwernood aan de dood ontsnapte.


Waar Matthews ook kwam, hij trok overal volle zalen. De recensies waren enthousiast:
 
Een breede schare belangstellenden toog hedenavond naar het Algemeen Verkooplokaal om de maatschappelijke demonstratie van het Leger des Heils bij te wonen. Nadat eenige liederen gezongen waren, werd overgegaan tot eene vertooning van lichtbeelden. Een doek van ongeveer 20 voet in het vierkant was op het podium aangebracht. De heer Matthews, die Livingstone op zijne reizen door Afrika vergezelde, belastte zich met de uitvoering van de vertooning, waartoe hem een der grootste tooverlantaarns ten dienste stond. Verschillende takken van het maatschappelijk werk werden door kalklicht aanschouwelijk voorgesteld. Men kreeg onder andere te zien de portretten van verschillende chefs, voorstellingen uit stad- en landkolonie, tooneelen uit het leven van dronkaards, uit het liefdewerk in de achterbuurten, uit het reddingswerk en uit de ziekenverpleeging. Een en ander liet niet na op het gemoed der aanwezigen te werken, hetgeen nog vermeerderd werd door het  op aandoenlijke wijze zingen van liederen in de halfduistere zaal, waar een verwonderlijke stilte heerschte.
 
Al na enkele jaren nemen Nederlandse Heilsofficieren de rol van Matthews over. Zij trekken het land in voor zogenaamde Tooverlantaarn-Samenkomsten.

Het Leger des Heils Nederland koopt zèlf twee toverlantaarns met gasverlichting. De afdelingen kunnen deze vervolgens bij het hoofdkantoor huren. Begin 1899 komt daar nog een grote lantaarn met dubbele lens bij. Dit leidt tot een nog veel intensiever gebruik. Hier enkele gedeelten uit de recensie van de Kerstviering in Amsterdam in 1897:
Bij de hoofdingang van het Paleis voor Volksvlijt  verdrong zich op Kerstavond eene groote schare. Daar splitste zij zich in tweeën, het eene gedeelte, dat verreweg het grootste was, ging naar rechts en begaf zich naar de zaal gehuurd door het Leger des Heils. Het andere deel, dat zich naar de linkerzijde wendde, ging naar de schouwburgzaal. Wie brachten beter hun tijd door, wie genoten van de beste en reinste vreugde? Ontegenzeggelijk de 5000 die het publiek uitmaakten van het Leger des Heils: 5000 menschen uit allerlei klassen en vanuit allerlei gezindheden …Er was een stroom van ware aanbidding onder die schare van toehoorders … Aller oogen vestigden zich op het doek, waarop droevige, plechtige of verblijdende tooneelen van aarde en hemel elkaar opvolgden. Als inleiding verschenen de portretten van de Kommandant en de Maréchale, die herhaaldelijk door toejuichingen en amens werden begroet. Toen kwamen de eerste geschiedenissen, die zoo treffend door zeer goed geslaagde lichtbeelden werden voorgesteld. Eerst kwam die van het lucifersmeisje, zoo vreeselijk droevig. Daarna de geschiedenis van het kreupele jongetje, het kind van een dronkaard. Hij valt in het water en wordt dan stervende naar het ziekenhuis gebracht … hij was nog even wakker geworden. Toen hij de helder verlichte warme kamer zag en zulke vriendelijke gezichten dacht hij, zo weinig als hij van de hemel wist, dat hij er was en zeide tegen de dokter: “Mijnheer, zijt gij God?”… Terwijl die onmetelijke schare toeschouwers in stilte het treffende toneel van zijn dood ziet, verheft zich de stem van de Kommandant: “Volgens de gemiddelde jaarlijkse sterfte zullen ongeveer honderd personen van hen, die thans hier zijn nog voor het einde van dit jaar sterven. Gij, die hier naar mij luistert, gij behoort tot hen. Zijt gij bereid om te sterven?” Die treffende en plechtige gedachte, die onder zulk eene diepe stilte werd uitgesproken, in de duisternis van de zaal, alleen verlicht door het licht op dat doek waarop men een sterfbed zag, bracht een onbeschrijfelijke indruk te weeg … Van tijd tot tijd verscheen tusschen de lichtbeelden door een lied op het doek, dat de kinderen alleen zongen, of dat het geheele publiek aanhief.
 

.... en Jezus zeide tot hem: Wat wilt gij, dat Ik u doen zal? En de blinde zeide tot Hem: Dat ik ziende mag worden. En Jezus zeide tot hem: Ga heen, uw geloof heeft u behouden. En terstond werd hij ziende, en volgde Jezus op den weg. (Markus 10)


Op het Hoofdkwartier van het Leger des Heils Nederland bevindt zich een index van lantaarnplaten uit 1902. Daaruit blijkt dat het Leger per jaar enkele honderden series platen verhuurde. De index bevat vele series met bijbelse verhalen, andere verhalen met een religieuze strekking, veel tekstplaten met geestelijke liederen, een grote hoeveelheid verhalen over drankmisbruik en alcoholbestrijding (Father come home, The Drunkard’s children, A pair of shoes, The drunkard’s wife, The drink fiend), veel series over landen en volken, over schipbreuken en veel foto’s van het Koninklijk Huis. Daarnaast veel life modelseries en tientallen niet religieuze kinderverhalen van de Engelse firma Primus. Verder ook nog een aantal series over de land- en stadskolonies van het Leger des Heils en over andere vormen van maatschappelijk werk.
 
TEN NIGHTS IN A BAR ROOM
(Tien nachten in een bar)
Engelse serie 'Temperance"-platen die gebruikt werden om het drankmisbruik te bestrijden.
1. De aankomst bij de 'Sickle and Sheaf'.   2. Mary, het dochtertje van Joe Morgan, vraagt hem mee naar huis te gaan.   3. Slade gooit een glas naar Joe Morgan en zijn dochter Mary.   4. Joe Morgan maakt de verschrikkingen van een dilerium mee.   5. De dood van Joe Morgan's kleine Mary.   6. Frank Slade en Tom Wilkins aan de zwier.   7. Willie Hammond wordt overgehaald te gokken.   8. Harvey Green steekt Willie Hammond dood.   9. Ruzie tussen Slade en zijn zoon Frank.   10. Frank Slade doodt zijn vader met een fles.   11. Een bijeenkomst van de burgers in de bar.   12. Het vertrek van de 'Sickle and Sheaf'.


Het leger des Heils in Utrecht geeft  in 1911 een open luchtvoorstelling op de slotavond van de kermisweek, bedoeld als “tegengif” tegen het kermisvermaak. De Strijdkreet beschrijft die als volgt:
 
Daar was de kermis weer. Wàt te doen om de schare er vandaan te houden en haar tevens het Evangelie te brengen? … We wenschten namelijk in het centrum van de stad Utrecht op de Oudegracht een  Muziek en Zanguitvoering te houden op zaterdagavond van acht tot halftien en verder van halftien tot kwart voor elf een lichtbeeldenvertooning op een doek dwars over de gracht gespannen. De lijn waaraan het doek was bevestigd, hing bijna negen meter boven den beganen grond, de hoogte dus van een flink huis. .. De electrische lantaarn zou op de Bezembrug staan, boven op een vier à vijf meter hoogen montagenwagen van de Electrische Centrale. Alles vlotte. Winkels in den omtrek  verklaarden zich bereid hun lichten te dooven. Zelfs de Bioscope – salon Flora zeide het toe. Nergens werden we afgewezen.

De avond kwam. Muziekcorps en zangkoor voerden een mooi programma uit. Om negen uur was er een enorme menschenmassa, die steeds grooter werd. Het groote projectiedoek werd geheschen. De spanning steeg.  De winkels deden de lichten uit. Het groote doek van omstreeks vijf bij zes meter was doorschijnend. De aanwijzingen op het doek waren in gewoon spiegelschrift, opdat zij van beide kanten leesbaar zouden zijn. Daar verschenen de eerste beelden. Nog niet geheel scherp. Doch gaande weg werd het beter. Na een kwartier een normaal helder beeld. Eerst bloemen waarbij het muziekcorps “God is goed” speelde. Het koor zong. Aan de uitnodiging op het doek: “Zingt allen mee” werd door sommigen gevolg gegeven. Daarna werd het Koninklijk Huis geprojecteerd. Algemeen gejuich. Wien Neerlandsch Bloed werd gespeeld en gezongen. Vervolgens: Natuurtaferelen. Beelden van de zee. Elke nieuwe rubriek werd op het doek aangekondigd. Voorts: platen illustreerende: Er ruischt langs de wolken. Wat reeds meer algemeen meegezongen werd. Men vergete niet dat de ruimte op de gracht zoo enorm is, dat van spreken bij de platen geen sprake kon zijn. Vervolgens een serie platen vol drankellende. Het Muziekcorps speelt “O Zwerv’ling! ’t Koor zong. Deze serie werd besloten met: “O Vader kom thuis”. Vervolgens: “Het verloren schaap”- tien platen die de bekende gelijkenis in beeld brachten en waarbij het zangkoor zong: “Daar zijn negenennegentig veilig thuis”.  Indrukwekkend! Besloten werd met “Dat ’s Heeren zegen op u daal”. Het was inmiddels tegen kwart voor elf. Ruim honderd vijftig platen waren vertoond.

Duizenden menschen werden bereikt. Men spreekt van tienduizend. Het was een zuigpomp op de kermisterreinen. Een poging tot ontvolking van die plaatsen der verleiding ... ’t Was tevens een machtige demonstratie voor het Evangelie...

 
  English version......  Wat is er nieuw op de site?  ©1999-2016 'de Luikerwaal'
Alle rechten voorbehouden.
Bijgewerkt tot 10-03-2016.
Naar bovenrand pagina......